Met Carlos Sastre stond de beste renner van dit peloton in Parijs op het hoogste podium. Hij is de enige die het geel ging zoeken, dan nog van zijn eigen ploegmaat Fränk Schleck. Hij was mee met Menchov op Prato Nevoso. Op l'Alpe-d'Huez was hij indrukwekkend in vergelijking met de rest. Sastre is geen verrassing. Hij was derde in 2006 en vierde in 2007. De eerste en de derde van 2008 mochten niet starten. Hij klopte dus de tweede van vorig jaar. Sastre had ook de sterkste ploeg en maakte het best gebruik van de teamsterkte.
Cadel Evans maakte geen enkele fout. In een kleurloze Tour - die wel bol stond van de spanning - hield hij tot zaterdagmiddag het pak gesloten. Reed de Australiër een normale tijdrit, dan was hij de winnaar. Ik had verwacht dat hij maximaal 40, zou verliezen op dagwinnaar Schumacher. Sastre reed simpelweg op zijn niveau, maar dat was voldoende. Hij was de meest frisse, Cadel was moe.
Bij de Tourstart was Evans de grote favoriet, samen met Menchov en Valverde. De Rus hielp het zelf naar de knoppen. Valverde bewees dat zijn supervorm van de Dauphiné Libéré na één week Tour voorbij was. Die twee faalden. Zo kom je bij Sastre terecht die ik op de tweede rij zette. Dit was voor mij een kleine Tour met een kleine winnaar en een grote verliezer. Op de laatste col na is er niets gebeurd dat iedereen deed rechtveren uit de zetel. Daar sloeg Sastre toe. We zagen een Menchov die brak en terugvocht, terwijl Evans de laatste 4 kilometer zijn verantwoordelijkheid opnam.
Als er dan toch iets gebeurde, dan klopte er iets niet. Het geval Riccardo Riccò kon de wielersport missen. Andy Schleck en Bernard Kohl zijn voor mij dé revelaties. Die Oostenrijker was ei zo na tweede. Wie had dat verwacht? Dat worden volgend jaar hoofdrolspelers. Alberto Contador moet in 2009 met deze twee mensen rekening houden. Indien we mogen starten natuurlijk.




