nov
2008
Terwijl
onze collega’s naar de Capitole afzakten voor de première van de musical Evita,
gingen wij het een paar honderd meter verderop zoeken. In de concertzaal van de
Vooruit kregen we een portie rudimentaire bluesrock voorgeschoteld zoals ze die
heden ten dage nog zelden maken. Een drumstel, een gitaar en in een moeras
gedrenkte vocalen: meer had dit duo niet nodig om de uitverkochte zaal te geven
waarvoor ze gekomen was: rock ‘n’ roll time!
The Black Keys worden vaak vergeleken met The White Stripes. Omdat het een duo is. Omdat ze het moeten hebben van drum en gitaar. Omdat ze muziek spelen die door mensen die het kunnen weten ‘bluesrock’ genoemd wordt. En omdat ze met z’n tweeën een even volle sound kunnen brengen als een hele band samen. Maar The Black Keys moeten zelf niets weten van deze vergelijking. En misschien wel terecht, want hun muziek pik je er zo uit en klinkt meer vintage blues – minder modern - dan die van The White Stripes. We lazen ergens dat niets aan hun instrumenten dateert van na de jaren zestig, en dat hoor je aan de muziek. Verre van vernieuwend allemaal, maar het wordt gesmaakt door muziekliefhebbers aller landen.
Voorbeelden?
Robert Plant (Led Zeppelin), Radiohead, Josh Homme (
Het eerste wat opviel, was dat we moesten aanschuiven bij de mannentoiletten. Normaal gezien kunnen we in de concertzaal van de Vooruit als man vrolijk fluitend doorwandelen langs de ellenlange rij wachtende dames. Deze keer waren de rollen omgekeerd. Nu was het hun beurt om direct door te stoten naar de Verlossing, terwijl wij als man een aantal minuten moesten aanschuiven. Allemaal bijzonder oninteressant, maar we geven het mee om aan te tonen dat zo’n 80 % van het aanwezige publiek van de mannelijke kunne was, met hier en daar een liefje aan de hand. Potige bluesrock enkel voor venten? Blijkbaar.
Het voorprogramma werd verzorgd door Liam Finn, de zoon van
Neil (Crowded House). Samen met een vriendin bracht hij iets wat ons deed
denken aan het dromerige van The Magic Numbers, maar wel ruwer en
experimenteler. Zo maakt hij bij zijn optredens graag gebruik van looping
effecten (muziek die vooraf opgenomen wordt), met als resultaat dat de twee
klonken alsof er een hele band op het podium stond. Dat zag er allemaal vrij
leuk uit en het gebruik van de loops had af en toe een hilarisch effect.
Mijnheer Finn speelt het begin van een gitaarsolo, maar springt dan vlug op
zijn drumstel om van jetje te geven op zijn vellen, terwijl de rest van de solo
automatisch wordt afgespeeld. Saai en ongeïnspireerd kon je dit opwarmertje dus
zeker niet noemen.
Daarna beklommen een kleine, gedrongen en bebaarde zanger/gitarist Dan Auerbach en een slungelachtige en bebrilde drummer/producer Patrick Carney van The Black Keys het podium en kon het feestje beginnen. De groep speelde in Gent het laatste concert van hun Europese tournee, maar van vermoeidheid viel in hun muziek niets te merken. Auerbach had er duidelijk veel zin in en sprong in het rond, kronkelde zich rond zijn gitaar en zijn micro en sloot elk nummer af met een dubbel ‘thank you, thank you’. Carney leek na ieder nummer afgepeigerd te zullen doodvallen, maar geselde wel telkens bij het daaropvolgende nummer met evenveel bravoure zijn drumstel.
Het is verbazend te horen welk geluid Auerbach uit zijn
gitaar weet te krijgen. Wie de platen van The Black Keys kent, weet wat hij kan
verwachten. Het doet denken aan een bruine kroeg ergens aan de Mississippi waar
het licht het amper kan winnen van dikke walmen sigarettenrook, terwijl de goed
in het vlees zittende zwarte cafébazin de zoveelste whisky inschenkt. Wie de
platen van The Black Keys niet kent, zal zeggen: ‘Dit is oude muziek’, in alle
betekenissen van het woord. Live klonk het nog vettiger, potiger en ruwer. Soms
was het té hard en verdween de stem van Auerbach in het – met alle respect –
lawaai. Maar dat hoort er af en toe wel eens bij wanneer we het over rock ‘n’
roll hebben.
De singles werden mooi verspreid over de set, met als hoogtepunt de dubbel ‘Strange Times’ en het daarna als een vulkaan uitbarstende ‘Your Touch’. Bijzonder krachtig. Captain Beefheart werd ergens tussendoor geëerd met de cover ‘I’m Glad’. De andere nummers werden met evenveel enthousiasme gebracht, maar het viel wel op dat alle songs van The Black Keys teren op hetzelfde trucje: pompende drums met daarrond een lekker snedig bluesriffje. Ook op hun platen wordt meer en meer duidelijk dat The Black Keys geen onuitputtelijke bron aanboren. Maar al bij al een geslaagde avond dus voor al wie niet kwam om rustig een praatje te slaan, maar even iets anders wilde horen dan alle moderne gitaarmuziek.
Legendarisch optreden? Zeker niet. Slecht optreden? Nog minder. Te kort optreden? Jawel. We klokten af na ruim een uur, terwijl er zeker meer te halen valt uit vijf albums. We hoorden twee jongens die met een minimum aan hulpmiddelen een hele concertzaal kunnen vullen met volk én een bijzonder vol geluid. Een solide en degelijk concert dat stond als een huis, maar ook niet meer dan dat.

Nieuwsoverzicht






Dominique Dierick brengt Gent en Gentenaars in beeld. Bekijk zijn werk in
Kijk binnen in de wondere wereld van Rudi Moeraert. Ontdek zijn
Reacties
Even terzijde: Ik was er ook bij gisteren in de Vooruit en ik ben weldegelijk van het vrouwelijk geslacht. Ik was daar niet als liefje-van, maar puur uit liefde voor The Black Keys. En hoewel het liefje-van dat naast mij stond het blijkbaar te luid vond en is weggegaan, kon ik er maar niet genoeg van krijgen en hebben mijn voeten geen minuut stil gestaan. Potige bluesrock is dus ook voor madammen!
EVC op 24 november 2008 om 17:33
zalig optreden! Verre van vernieuwend zou ik ze zeker niet noemen. Ik kan geen band bedenken die qua sound aanleun bij wat zij spelen. En 'strange times' vond ik trouwens het meest ontgoochelende nummer van de avond. Voor de rest een onvergetelijk optreden. voorprogramma moch er ook wel wezen.
dze op 24 november 2008 om 20:20
Inderdaad een stevig optreden, maar ik moet ook toegeven dat het aan de korte kant was. Persoonlijk vind ik Magic Posion hét beste album. De nummers zijn door de hele cd echt "vettig". Bij attack and release waren er maar electronische effectjes.... Nu, smaken vallen niet te betwisten, maar ik miste toch een paar nummers gisteren.
Kevin op 24 november 2008 om 22:38
Laat een reactie achter