AZG had in de afgelegen bergdorpen van de Vallei des Doods heel wat prestige verzameld door in de winter op post te blijven en dat was ook een hele prestatie. ,,De gasflessen voor onze keuken arriveerden hier op de rug van veertig dragers’’, vertelde Stéphane. Je moest hier uit het juiste hout gesneden zijn om het vol te houden.
Dit laatste leek geen probleem voor dr. Hilde De Clerck, die net begonnen was twee lokale verplegers op te leiden. Ze was één van die mensen die van jongsaf wisten wat ze later zouden doen en hun dromen op latere leeftijd ook waarmaakten. De verplegers en gezondheidswerkers die ze nu opleidde zouden het gezondheidscentrum moeten openhouden als AZG vertrokken was. Dat de lokale staf toegewijd was, daarover kon geen twijfel bestaan: een paar maanden geleden was iedereen hier een hele nacht in de weer geweest om een kindje met een zware longontsteking te beademen. Het kind, een meisje, had gewoon niet genoeg kracht meer om haar jachtige ademhaling gaande te houden. En dus paste de toen aanwezige dokter en een paar verplegers de hele nacht lang mond-aan-mond-beademing toe, bij gebrek aan zelfs maar de eenvoudigste beademingsapparatuur. Daarna kregen ze een helikopter van het Pakistaanse leger zover om haar op te halen en wonder boven wonder overleefde ze het. Maar met het nakende opkramen van AZG zouden de valleibewoners qua dringende medische hulp weer even ver staan als tevoren. Het was één van die dilemma’s die de hulpverleners onder ogen moesten zien: waar eindigde de hulp die AZG als emergency omschreef? En zelfs als je die lijn klaar en duidelijk kon trekken, hoe verantwoord was het dan om eerst au grand complet uit te rukken en vervolgens, na een jaar, de mensen met lege handen achter te laten? Voor mezelf voegde ik daar nog één vraag aan toe: wat deed de Pakistaanse overheid, behoudens hoog boven de dalbewoners een garnizoen te installeren en af en toe een paar granaten boven hun hoofden af te schieten in de richting van India?
,,Waarom zijn hier niet meer Pakistaanse dokters?’’, vroeg ik aan dr. Naeem, terwijl ik over deze kwesties piekerde.
,,Ze houden het hier niet vol, en bovendien kunnen ze in Karachi, Islamabad en Lahore veel meer geld verdienen in hun privé-praktijk’’, verwoordde hij een oud liedje.
Hilde, Stéphane en Naeem hoopten dan maar dat de twaalf maanden lange aanwezigheid van AZG genoeg had teweeg gebracht opdat de bergbewoners tenminste enkele simpele hygiënische regels beter in acht zouden nemen. Handen wassen bijvoorbeeld.
,,Dat gebeurt hier gewoon niet’’, stelde dr. Hilde vast. ,,Het gevolg is infecties, maar ook veel wormen, schurft en huidinfecties.’’
Buiten was het inmiddels aardedonker. Een blinkende sikkelmaan hing boven de pas en over het bergland daalde een middeleeuwse stilte. Vanuit mijn tent luisterde ik nog een tijdje naar de roerloze stilte en viel toen in een bodemloze slaap.
Dit laatste leek geen probleem voor dr. Hilde De Clerck, die net begonnen was twee lokale verplegers op te leiden. Ze was één van die mensen die van jongsaf wisten wat ze later zouden doen en hun dromen op latere leeftijd ook waarmaakten. De verplegers en gezondheidswerkers die ze nu opleidde zouden het gezondheidscentrum moeten openhouden als AZG vertrokken was. Dat de lokale staf toegewijd was, daarover kon geen twijfel bestaan: een paar maanden geleden was iedereen hier een hele nacht in de weer geweest om een kindje met een zware longontsteking te beademen. Het kind, een meisje, had gewoon niet genoeg kracht meer om haar jachtige ademhaling gaande te houden. En dus paste de toen aanwezige dokter en een paar verplegers de hele nacht lang mond-aan-mond-beademing toe, bij gebrek aan zelfs maar de eenvoudigste beademingsapparatuur. Daarna kregen ze een helikopter van het Pakistaanse leger zover om haar op te halen en wonder boven wonder overleefde ze het. Maar met het nakende opkramen van AZG zouden de valleibewoners qua dringende medische hulp weer even ver staan als tevoren. Het was één van die dilemma’s die de hulpverleners onder ogen moesten zien: waar eindigde de hulp die AZG als emergency omschreef? En zelfs als je die lijn klaar en duidelijk kon trekken, hoe verantwoord was het dan om eerst au grand complet uit te rukken en vervolgens, na een jaar, de mensen met lege handen achter te laten? Voor mezelf voegde ik daar nog één vraag aan toe: wat deed de Pakistaanse overheid, behoudens hoog boven de dalbewoners een garnizoen te installeren en af en toe een paar granaten boven hun hoofden af te schieten in de richting van India?
,,Waarom zijn hier niet meer Pakistaanse dokters?’’, vroeg ik aan dr. Naeem, terwijl ik over deze kwesties piekerde.
,,Ze houden het hier niet vol, en bovendien kunnen ze in Karachi, Islamabad en Lahore veel meer geld verdienen in hun privé-praktijk’’, verwoordde hij een oud liedje.
Hilde, Stéphane en Naeem hoopten dan maar dat de twaalf maanden lange aanwezigheid van AZG genoeg had teweeg gebracht opdat de bergbewoners tenminste enkele simpele hygiënische regels beter in acht zouden nemen. Handen wassen bijvoorbeeld.
,,Dat gebeurt hier gewoon niet’’, stelde dr. Hilde vast. ,,Het gevolg is infecties, maar ook veel wormen, schurft en huidinfecties.’’
Buiten was het inmiddels aardedonker. Een blinkende sikkelmaan hing boven de pas en over het bergland daalde een middeleeuwse stilte. Vanuit mijn tent luisterde ik nog een tijdje naar de roerloze stilte en viel toen in een bodemloze slaap.

Reacties