Paul De Keyser

Deemoedige Basso

Paul De Keyser | 31 mei 2010 om 11:44
Na Alexander Vinokourov, triomfator in Luik-Bastenaken-Luik, is nu ook Ivan Basso opnieuw een kampioen geworden. Vier jaar nadat hij voor het eerst de Giro won, toen met negen minuten voorsprong op de nummer twee, heeft hij dat opnieuw gedaan. Wie bereid is om de spons te vegen over het verleden, kijkt met plezier terug op drie boeiende koersweken. Op basis daarvan heeft Basso niks van zijn triomf gestolen. Hij was beter dan de anderen. Niet meer zoveel beter als die eerste keer, toen hij ook drie ritten won, maar toch de beste, met de hulp van een dominante formatie.

Het zwarte schaap heeft op die manier afgerekend met een minder fraaie episode uit zijn carrière. Al snel na die Girowinst van 2006 raakte zijn naam immers verstrengeld met de Operación Puerto. In eerste instantie vond de antidopingcommissie van het Italiaans Olympisch Comité (Coni) geen bewijs en werd Basso vrijgesproken. Het jaar daarop, toen al in dienst bij Discovery Channel en Johan Bruyneel, moest de Italiaan toch voor de bijl en bekende hij dat hij één en ander opzij had gelegd om te gebruiken in de aanloop naar de Tour. Er was alleen maar de intentie om zich te doperen, vertelde hij. Het kwaad was nog niet geschied. Zei hij.

Hoe ook, Basso stelde zich bij zijn terugkeer zeer deemoedig en berouwvol op. Hij had niks van de arrogantie die bijvoorbeeld Vinokourov nog steeds tentoon blijft spreiden. Basso begrijpt de kritiek en de twijfels van een deel van het wielerpubliek en aanvaardt die ook. Echter niet zonder te benadrukken dat zijn supporters niet bang meer moeten zijn en dat ze hem nu hun volle vertrouwen mogen schenken. Het zou inderdaad mooi zijn mocht er deze keer niet meer gerommeld worden met het eindpodium van de Giro.
Hans Vandeweghe

Patpong Road

Hans Vandeweghe | 29 mei 2010 om 20:32
Laatst blogde Sabine, de vrouw van Scott Sunderland iets in de strekking van 'vroeger werden wielrenners beschouwd als niet te slim, maar er is niemand die dat nu nog zou durven zeggen.' Zoiets.

Ah neen? Volgens mij zijn de wielrenners van vandaag – en zeker zij die in de Giro meerijden – nog dommer dan die van vroeger. Wie goed bij zijn zinnen is, laat zich deze Giro niet aanpraten. Niet door zijn baas en niet door de organisatoren, waarbij je je de vraag kan stellen of organisatoren en ploegbazen niet onder één hoedje spelen en zich stiekem samen verkneukelen om wat ze die dommekloten van coureurs nu weer hebben laten doen.

Het begon met die start in Amsterdam. De Tour heeft niks in Rotterdam te zoeken straks, maar de Giro in Amsterdam is echt helemaal de weg kwijt. In Nederland liggen meer vluchtheuvels, verkeersdrempels, asverschuivingen dan er mensen wonen. De renners vielen dus bij bosjes en op dat ene stuk van vijf kilometer zonder al die troep, vielen ze ook. Pavlov op de fiets. Dom, dommer, domst.

Vervolgens vloog er een stofje door het luchtruim dat misschien wel eens van IJsland kon komen en de Schouppes van deze wereld dreigden weer met een slot op het heelal. De organisatoren vonden er toen niet beter op dan nachttreinen klaar te houden voor het geval er niet kon gevlogen worden. Ik hoorde geen renner protesteren en de ploegbazen al helemaal niet. (Gelukkig bleef het luchtruim open.)
Daarna heb ik een paar dagen gemist, maar de volgende keer dat ik keek, reden Nys, Wellens, Stybar en Albert mee. Althans daar leek het op. Het waren gewoon Basso, Evans en Vinokourov en nog wat slimme renners die zich hadden laten aanpraten dat ze een etappe over strade bianchi moesten rijden. Regen is in het voorjaar in Toscane niet vreemd en wat deed het die dag? Het goot. Gevolg: de renners zaten onder de modder, de kiezels zaten tot in hun buizen van Eustachius en de mecaniciens moesten overuren kloppen om de zaak op orde te krijgen.

Tot overmaat van ramp reden ze een dag of wat later een etappe door een gigantisch zwembad. Dat was mijn eerste indruk toen ik de tv aanzette, maar het bleek een vreselijke regenbui te zijn. Daarna had ik even genoeg van die stomme Giro tot ik in deze krant las dat er een Spanjaard zoveel minuten had gepakt door een rare vlucht en dat hij eigenlijk nog moeilijk uit het roze kon worden gereden. Dat spannende deed het hem toch en ik keek weer.

Het was mooi weer geworden, maar nu dacht ik dat mijn tv kapot was of dat de cameraman was gevallen. De renners gingen traag – zo traag als ik op een normale col – alsof ze tegen een wand opreden. Maar neen, dat was de gevreesde Zoncolan.

Met mountainbikeverzetjes sleurden ze zich naar boven en ik moet toegeven dat het een apart spektakel was, maar dat dacht ik ook toen ik ooit op Patpong Road in Bangkok vrouwen pingpongballen zag wegschieten vanuit lichaamsopeningen die daar niet voor dienen. In tweede instantie vond ik dat toen walgelijk en dat had ik met die Zoncolan ook.

De dag na de Zoncolan kregen ze ook nog eens een klimtijdrit voor de kiezen, weer zo steil en weer een stuk over onverhard. Gisteren ging het over vier cols, met als derde de gevreesde Mortirolo. Vandaag moeten ze weer vier zware cols beklimmen met na 50 kilometer al de eerste – wie op zijn tandvlees zit, moet meteen aan de rekker - en als voorlaatste de loodzware en zeer hoge (2.618 meter) Gavia. Misschien door de sneeuw. Na de modder en de regen kan dat er ook nog bij.

Wielrenners kunnen wel wat hebben, maar de Giro is er over. Hoe moet je in godsnaam de renners van doping afhouden als je ze drie weken over klotewegen en door kloteweer jaagt, met klote-aankomsten en één keer op de twee klote-hotels. Gisteren en vandaag samen elfduizend hoogtemeters, is er dan niemand die een redelijke grens trekt?

Het is te hopen dat steeds meer toprenners voor de Ronde van Californië kiezen en de Giro links laten liggen. Op die fameuze strade bianchi hebben ze al een retrorit, de Eroica. Iedereen op oude fietsen in een antieke fietskledij. Kunnen ze daar bij de Giro geen voorbeeld aan nemen, drie weken lang bijvoorbeeld, met alleen Italianen en een verdwaalde Spanjaard en allemaal aan de bloedzakjes?
In plaats van een tijdrit op de laatste dag trekt het circus dan voor een gevecht in berenvellen met bijlen en knotsen naar het Colosseum van Rome.
Paul De Keyser

'Is het niet een beetje té?'

Paul De Keyser | 27 mei 2010 om 14:44

Het Giropeloton kreeg gisteren de kans om een klein beetje op adem te komen. Het is ze gegund, want de heren hebben ons de jongste weken fraai getrakteerd. De sprinters reden er het grootste deel van de tijd bij voor spek en bonen. Niet te verwonderen dat veel van hen ondertussen foert hebben gezegd. Ja, wat wàs dat niet allemaal? Ellendige weersomstandigheden, legendarische beklimmingen en tot twee keer toe onverharde wegen. De komende dagen gaat het vrolijk verder, met monsters als de Mortirolo en de Gavia, waarna nog een tijdrit volgt als toetje.

We hebben ervan genoten en zullen de komende dagen ook nog wel aan het scherm gekluisterd zitten. Net als u allicht. Liefst met niet te veel bijgedachten, maar toch zijn die er. U heeft ook wel gelezen over de podia van de grote rittenkoersen, die de jongste jaren met enige vertraging werden herschikt. Daar knijpt ons schoentje. Uiteraard moet het allemaal zo proper mogelijk, en hopen we met hart en ziel dat de tenoren die ons op zo’n fraai spektakel trakteren, netjes binnen de lijnen kleuren. De organisatoren pochten vooraf dan ook met controles allerlei. Wee de boosdoeners! Het zadelt ons op met een bitter nasmaakje. Eerst een schier onmenselijk traject uitstippelen - die soms erbarmelijke weersomstandigheden zijn uiteraard niet hun schuld - en dan dat dreigend vingertje. Een beetje hypocriet, is het niet? Het bederft de pret een heel klein beetje terwijl we de renners zo verschrikkelijk zien lijden. Is het allemaal niet een beetje té?

Ludo Vandewalle

Preud'homme kiest niet makkelijkste weg

Ludo Vandewalle | 25 mei 2010 om 11:37
In de Belgische voetbalcultuur ben je steeds meer een buitenaards wezen als je als trainer nakomt waarvoor je je bij het ondertekenen van de verbintenis engageerde. Dick Advocaat, Georges Leekens, Peter Maes, Glen De Boeck en nu ook Michel Preud'homme vonden ondanks alle mooie woorden het plots niet meer nodig hun 'projecten' af te maken. Je bent ook een buitenaards wezen als je je daar druk om maakt. In de voetballerij worden zulke gebroken woorden op een schouderophalen onthaald.

Los daarvan begint Michel Preud'homme aan een moeilijke opdracht. De 51-jarige gewezen beste doelman van de wereld weet natuurlijk dat hij bij AA Gent aan zijn plafond zat. Volgend seizoen beter doen dan een tweede plaats en bekerwinst is uitgesloten.

Bij FC Twente geldt dat echter ook. De provincieclub uit Overijssel beleefde het mooiste jaar uit zijn geschiedenis met een eerste landstitel. Beter doen dan zijn voorganger Steve McClaren is eveneens onmogelijk. Nu klinken de praatjes over het feit dat een plaats in de top vier genoeg is nog helder maar als het straks minder gaat, steekt er een storm op. Preud'homme zal dan kritiek krijgen. En als hij nu ergens een hekel aan heeft...

Resultaattrainer Preud'homme verkiest bovendien het spel in de ruimte boven het bij onze noorderburen gepropageerde combinatievoetbal. Dat zorgt voor een confrontatie met de Nederlandse voetbalromantici.

Dit alles in acht genomen zet Preud'homme een heel moedige stap. De Champions League lonkt en ook geld is een factor. Zo spectaculair veel meer zal de Luikenaar, in Gent wellicht al de best betaalde trainer van België, bij Twente echter niet gaan verdienen.

De maniakale benadering van Preud'homme maakt een nieuwe succesvolle internationale loopbaan voor een Belgische trainer - na Raymond Goethals en Eric Gerets - mogelijk. Dat een land dat toptrainers aan de lopende band levert in België een coach haalt, mag ons best trots maken. Toch is chagrijn ook op zijn plaats. Vorige maand werd Preud'homme aangezocht om Belgisch bondscoach te worden. AA Gent weigerde. Nu weigert het niet en hebben de Rode Duivels hun, na Gerets, best mogelijke trainer niet gekregen.
Hans Vandeweghe

BKsAO

Hans Vandeweghe | 22 mei 2010 om 12:30
Stel u onze voetbalbondsvoorzitter voor. De Çois, jawel. Stel u voor dat die een lief heeft en niet zo maar een lief maar een mooie slimme vrouw van 29 jaar jonger. (Kan dat er bij u met de beste wil van de wereld niet in? Dat snappen we, maar doe een beetje moeite.)

Stel nu dat de bondsvoorzitter en zijn lief jarenlang een intieme relatie hebben want dat hoort er vaak bij als er van een lief sprake is. Na een tijd breekt het lief met de voorzitter en besluiten ze vrienden te blijven. De voorzitter zou wel nog willen, want zoveel keuze heeft hij niet meer, maar het lief wil niet meer. Ze gaan af en toe nog wel een hapje eten in de betere restaurants.

Tijdens één van die etentjes praten ze over de Profliga, over Ivan De Witte en zijn ongebreidelde ambitie, over Dick Advocaat en zijn grillen, over Philippe Collin en zijn onnozeliteiten, of Jean-Marie Philips die ooit met zijn lief in de bondszetel is betrapt, enfin over alle ins en outs van het Belgische voetbal. Leuk voor het lief en ongetwijfeld een opluchting voor de man zelf en een garantie voor een spannend verloop van het etentje. Maar dan blijkt het (ex)lief van de Çois een digitaal voice recordertje in haar sacoche te hebben verstopt en net voor het gesprek heeft ze op de rode knop geduwd en het gesprek staat haarfijn op het bandje. Waarop het lief met haar verhaal naar een boulevardkrant stapt. Enkele weken later, in het weekend dat de Çois een belangrijke politieke slag thuis wil halen, komt een krant met het gesprek uitgesmeerd met alle details. En niet alleen het gesprek, maar ook nog eens met een selectie uit de sms'jes die de oude geile bok naar zijn onwillig lief heeft gestuurd.

Eerlijk: wat hiervoor staat is verzonnen en ik denk ook niet dat het de Çois zou overkomen, maar helemaal zeker kan je daar nooit van zijn. Er is niemand in Engeland die dacht dat het de alleraardigste en voorname Lord David Triesman zou overkomen, maar hij liep toch met zijn ogen (en broek) open in de val.

Triesman was de voorzitter van de Engelse voetbalbond, de Football Association en tevens de voorzitter van het organisatiecomité voor het WK 2018. Engeland lag voor dat WK in pole positie, en niet België en Nederland zoals wel eens van onder een Antwerpse paddestoel wordt beweerd.

Het (ex)lief van David Triesman heette Melissa Jacobs en dat is niet het gelijknamige Penthouse-model (pas gisteren ontdekt bij de research) maar een mevrouw met een diploma in economie en biologie. Tegen Miss Jacobs vertelde Triesman over van alles en nog wat. Over de hitsige John Terry, over Beckham, over Blair, over Gordon Brown, en ten slotte ook over de kandidatuur van Engeland voor dat WK en over de corrupte tegenstanders. Geen woord over België en Nederland, maar het tegendeel had verwonderd. Lord Hotpants vreesde omkoping van scheidsrechters door Spanje en Rusland, waardoor die twee kandidaturen uiteindelijk voor elkaar zouden zorgen en Engeland uit de boot zou vallen.

Al bij al een rare veronderstelling en niet gebaseerd op de feiten, maar wellicht wilde de Lord zich interessanter voordoen dan hij in werkelijkheid was. Dat was ook zijn eerste reactie: hij was maar een beetje aan het freewheelen en grasduinen door de bekende roddels. Waarbij hij er aan toevoegde dat de bewuste vrouw, van wie hij dacht dat ze een goede vriendin was, hun relatie toch lichtjes had overschat.

Daarop verschenen er sms'jes in The Mail on Sunday, behorend tot de groep van The Daily Mail en samen zowat de grootse bedreiging voor de democratie in Engeland sinds Hitler. Melissa had die sms'jes ten behoeve van haar verhaal bijgehouden. Even later was Lord Triesman geen voorzitter van de kandidatuur van Engeland en nog iets later ook geen voorzitter meer van de Football Association.

Ik heb weer wat geleerd van die sms'jes. Niet Happy Valentine of zo, want dat zat er ook tussen. Wel BKsAO. Dat staat voor Big Kisses All Over. Geef toe, van een 66-jarige Lord zou je dat soort taal niet verwachten. Ik heb ook geleerd wat de grootste vijanden zijn van mannen op leeftijd: ijdelheid, arrogantie maar vooral dat hardnekkig restje testosteron.

Maar hét grootste probleem blijft natuurlijk dat er media zijn die een gestudeerde vrouw zo gek kunnen maken dat ze voor geld – en wellicht veel geld - een gesprek opneemt met een man met wie ze consensuele seks heeft gehad en die haar op het eerste gezicht niks heeft misdaan. Ook dit is tegenwoordig sport en daar word ik toch niet goed van.
Hans Jacobs

Ranzig

Hans Jacobs | 18 mei 2010 om 18:01

Eerst vrijgesproken, dan weer geschorst. De polsstokspringer Kevin Rans zit dezer dagen in Zuid-Afrika met de handen in het haar nadat hij drie maanden schorsing aan zijn broek heeft, hoewel het Vlaams Dopingtribunaal hem eerder vrijsprak. De internationale atletiekfederatie (IAAF) kreeg van het Wereld Anti-Doping Agentschap (Wada) de opdracht om in beroep te gaan tegen de vrijspraak, ze stelde Rans een minnelijke schikking van drie maanden of een proces (en het dreigement van twee jaar) voor.

Als Rans had gewild, had hij een medisch attest gevraagd voor het bewuste spul (corticosteroïden) – hij was op dat ogenblik geblesseerd, dus kon perfect een beroep doen op een voorschrift en dan was er geen vuiltje aan de lucht. Bovendien tornt de IAAF aan de geldigheid van het Belgische recht.

In de rechtszaal snijden die argumenten hout, alleen: Rans heeft het geld niet om een proces te beginnen. En wanneer de zaak helemaal zou zijn afgerond, is hij bijna met atletiekpensioen.

Had het Wada het ook aangedurfd om de IAAF te commanderen als het ging over een bekende atleet, of alleszins eentje die over genoeg cash beschikt en gegarandeerd naar de rechtbank trekt? Vrij onwaarschijnlijk. Een compromis van drie maanden of een dreigement van twee jaar: echt minnelijk is die schikking niet. Wel een ranzige.

Ludo Vandewalle

Preud'homme klaar voor het buitenland

Ludo Vandewalle | 17 mei 2010 om 11:57

AA Gent heeft zaterdag een uitstekende indruk gemaakt. De club, supporters, spelers en trainer wonnen gezamenlijk de beker op een verpletterende manier. De Buffalo's speelden niet frivool maar waren in elk spelonderdeel de betere van tegenstander Cercle Brugge. Een week nadat het stamnummer zeven zich voor het eerst in 55 jaar tot vicekampioen kroonde, bevestigde het in de bekerfinale dat het de tweede beste ploeg van het land is.

Let op het woordje ploeg. Want als het op individuele kwaliteit van de spelers aankomt, zijn Club Brugge en Standard beter bedeeld dan de blauw-witten uit het Ottenstadion. AA Gent heeft een uitgebreide kern met veel degelijke spelers maar geen enkele uitschieter. Bernd Thijs, op zijn 32ste, en Christophe Lepoint (Christophe wie?) zijn de eerste spelers van AA Gent in twee jaar die een selectie voor de Rode Duivels waard zijn. Het is de vraag of zij het internationale niveau aankunnen. Posters van Thompson, Suler of Leye hangen in geen enkele tienerkamer. Het succes van AA Gent is het succes van het blok, gevormd door trainer Michel Preud'homme.

Het is geen geheim dat wij ons enorm storen aan het soms onvoorbeeldige gedrag van Michel Preud'homme ten opzichte van de refs en zelfs collega-trainers. Maar dat hij zijn vak kent, heeft hij in zijn tweede trainerscarrière bewezen. Terwijl hij in zijn eerste trainersloopbaan tussen 2000 en 2002 te veel beginnersfouten maakte, is hij na vier jaar als technisch directeur bij Standard en wat (vruchteloos) werk voor de bond in 2006 ijzersterk teruggekomen. Het ontslag van Johan Boskamp bij de Rouches in september 2006 luidde de tweede topcarrière in van Preud'homme. Wat als Boskamp dat seizoen wel goed was begonnen? Preud'homme was wellicht nooit bij een andere club dan Standard herbegonnen.

Preud'homme schonk na twee jaar schaven en vijlen de eerste landstitel in 25 jaar aan Standard. Met AA Gent, in een seizoen dat Anderlecht oppermachtig was, dit parkoers neerzetten is een prestatie als die titel met Standard waard. Preud'homme verraste zaterdag na afloop door te zeggen dat de resultaten de kwaliteiten van de trainer niet bepalen. Vreemd dat te horen uit de mond van een resultaattrainer.

Michel Preud'homme kan Eric Gerets achterna naar het buitenland. Het wordt alleen de vraag wanneer. Hij weigert te bevestigen dat hij volgend seizoen bij AA Gent trainer zal zijn. Door zijn naam, gevestigd als doelman, komt hij sneller in het vizier van de buitenlandse clubs. Luciano D'Onofrio werkte jarenlang voor FC Porto en is een idolaat van voorzitter Pinto da Costa. Ondertussen zijn ook de relaties met Preud'homme hersteld. Hallo Porto?

Bart Lagae

Hervorm de hervorming

Bart Lagae | 11 mei 2010 om 09:27
Wat nieuw is, jaagt angst aan. Nog voor er een bal was getrapt lag de competitiehervorming al onder vuur. In het buitenland schaffen ze de play-offs en het kerstvoetbal weer af. Waarom zouden we ze in België dan invoeren?

Onze krant besliste de nieuwe competitie krediet te geven. We zouden een eerlijke analyse maken na afloop van het seizoen. Extra aandacht hadden we voor de respons van de supporters. Want je kan nog honderd studiebureaus inschakelen, het succes staat of valt met de ticketverkoop in de play-offs.

Eerlijk is eerlijk, die ticketverkoop viel tegen. 'Het volk lust het niet', zo vat Cercle-voorzitter Frans Schotte de situatie samen. De play-offs moesten de competitieontknoping spannender maken maar het omgekeerde gebeurde: tot maart was de strijd om de zes eerste plaatsen spannend, nadien zat bij de meeste ploegen de klad er in.

Natuurlijk waren er excuses: de overmacht van Anderlecht, de uitglijders van Genk en Standard, het uitzonderlijke winterweer (alhoewel, hoe uitzonderlijk?)... factoren die de competitiehervormers een jaar geleden niet hadden kunnen voorzien. Bovendien waren er ook goede kanten aan de competitiehervorming: het nieuwe spanningsmoment in maart, de inkrimping tot zestien clubs.

De uitdaging voor de clubleiders zal er in bestaan de nieuwe competitie zo aan te passen dat de positieve punten kunnen blijven bestaan. Welk bureau krijgt de opdracht voor de hervorming van de competitiehervorming?
Ludo Vandewalle

Niet elk wangedrag is 'emotie'

Ludo Vandewalle | 10 mei 2010 om 16:53

De testwedstrijden om de titel tussen Anderlecht en Standard waren vorig seizoen een voetbaloorlog met 22 gemene soldaatjes. In de opvoering van deze voetbaljaargang werd onder meer het been van Anderlecht-speler Marcin Wasilewski gebroken. In andere duels tussen onze beste clubs van het land werd de scheidsrechter aan de hyena's overgeleverd en met graagte verslonden om het eigen falen te verdoezelen.

We leken zaterdag even te herademen in het laatste topduel van het huidige seizoen, de strijd om de Vlaamse eer tussen AA Gent en Club Brugge. Het verschil tussen beide clubs leek te groot (6-2) voor de gebruikelijke geniepige trucs, intimidaties of scheldpartijen. De zeden in ons voetbal zijn zo verwilderd dat het natrappen van Club Brugge-doelman Stijn Stijnen naar de Gent-speler Coulibaly nog tussen de plooien dreigde te vallen. Het liep echter nog meer uit de hand.

Gent-voorzitter Ivan De Witte posteerde zich aan de spelerstunnel en meende de ontgoochelde Karel Geraerts bij het verlaten van het veld iets te moeten toeroepen. Ivan De Witte is bedrijfspsycholoog van opleiding, hij is maatschappelijk geslaagd als oprichter van het rekruteringsbureau De Witte & Morel en kreeg landelijke bekendheid als voorzitter van een voetbalclub. Hij is tevens voorzitter van de Pro League, de verzameling van de Belgische profclubs. Zaterdag kreeg deze heer van stand na zijn provocatie voor het oog van de camera's bijna een oplawaai van Stijn Stijnen. Topvoetbal in België.

Zo gaat dat bijna wekelijks in ons voetbal waar als het over ethiek gaat iedereen gewoon iedereen beschermt. Straks gaan De Witte en Stijnen samen een pint drinken. Op naar het volgende incident. Wie of wat voorbeeldfunctie?

De voetballerij is een wereld van klatergoud geworden met voetbalgoden die de voeling met de realiteit zijn verloren en, omgeven door hijgerige bewonderaars, er steeds meer andere normen en waarden op nahouden. Ons beschermt ons. Elk wangedrag wordt onder de noemer 'emotie' ondergebracht. Gebroken woorden en contracten 'horen nu eenmaal bij het voetbal'. De populairste sport van het land houdt de maatschappij een verkeerde spiegel voor. Wie doet er wat aan?

Bert Heyvaert

Taboe

Bert Heyvaert | 09 mei 2010 om 14:54

‘Ik heb een vraag voor jullie allemaal’, zei de Italiaanse journalist in de stoel voor mij. Hij richtte zich tot de verzameling kampioenen die op het podium verzameld was: Simoni, Vinokourov, Basso, Evans, Sastre, Cunego en Garzelli. In die volgorde, van links naar rechts. Ze waren uitgenodigd door de Giro-organisatie voor een prestigieuze persconferentie met alle favorieten. Het voltallige persgild was dus aanwezig.

 

De vraag luidde als volgt: ‘De voorbije jaren blijken renners van het Giro-eindpodium achteraf vaak dopingzondaars. In 2009 waren dat er twee, in 2008 één, in 2007 twee en in 2006 zelfs alle drie. Waar mogen we ons dit jaar aan verwachten?’

 

Het bleef even stil op het podium. Tot de perschef van de Giro de microfoon nam en zei dat ‘de renners enkel vragen moeten beantwoorden over de koers, niet over zaken die buiten hun verantwoordelijkheid liggen’.

 

Daarop nam Ivan Basso – de winnaar van 2006 die achteraf Fuentes-bezoeker bleek – de micro nog even over: ‘Dat is het verleden voor mij. Ik wil niet meer als een dopingzondaar aanzien worden.’

 

Tot daar. Case closed, over naar de volgende vraag. Iets in de aard van ‘hoe staat het met de benen’. Op het podium haalden ze stiekem opgelucht adem, terwijl er vanuit de zaal een gefrustreerde zucht klonk.

 

Eén van de grootste problemen van de wielersport werd in een vluggertje herleid tot een clichébeeld: dat van de lastige persmuskieten die alsmaar blijven zeuren over doping.

 

Doodzonde. De vraag bood – aan elk van de aanwezige kampioenen – de gelegenheid om een statement te maken. Een veroordeling hoefde helemaal niet; gewoon een intelligent, nuancerend antwoord was voldoende. Maar ze zwegen. En de goede antwoorden bleven in de doofpot.

 

Oké, evident is het niet om op dat moment een statement te maken. Heel wat dopingzondaars zijn (ex-)collega’s met wie de kampioenen closer zijn dan met de bende persmuskieten. Vanuit sociaal-menselijk oogpunt was de reactie dus best logisch. Maar voor de sport an sich was het betreurenswaardig. Het moment toonde aan dat praten over doping nog steeds taboe is in het peloton.

 

En dat is een probleem. Kijk, ongetwijfeld wordt er de laatste jaren veel zuiverder gereden en is er een drastische mentaliteitswijziging bij heel wat renners. Dat zie je aan de koersen, dat hoor je in gesprekken off the record.

 

Maar laat dat dan ook eens openlijk blijken, in godsnaam. Beantwoord dan toch eens – als kampioen met voorbeeldfunctie – zo’n belangrijke vraag. Dat is nodig voor het imago van de sport.

 

Want zolang doping taboe is, en zowel zuivere als onzuivere renners het onderwerp op dezelfde manier ontwijken, blijft het probleem een mysterie voor het publiek. En vindt een – fout – idee ingang bij de grote massa: ‘Ach, die coureurs… Ze zijn allemaal hetzelfde, mijnheer. Ze pakken allemaal.’