Hans Vandeweghe

Couchpotato - Juju

Hans Vandeweghe | 08 juli 2010 om 10:18

Eerst even dit. Als u zich gisteren heeft afgevraagd waarom die Duitsers (weliswaar vals) meezongen met hun hymne Deutschland über Alles en de Spanjaarden niet met hun La Marcha Real, dan is het antwoord simpel: het is het enige nationaal volkslied zonder woorden.

Het zal u misschien verbazen, maar als u dacht dat wij een verdeeld land zijn, dan kent u Spanje nog niet. Daar heb je Castillianen, Catalanen, Galiciërs en Basken en dan nog een paar kleinere 'stammen' en die gunnen elkaar het licht in de ogen niet. Hoewel het volkslied al van de achttiende eeuw dateert, is er nog steeds geen tekst waarin iedereen zich kan vinden. 

Van verdeelde landen gesproken: 'Semenya mag weer deelneem as 'n vrou'. Dat was gisteren de opening van de meeste sportpagina's in Zuid-Afrika. Caster Semenya is de 800 meterloopster die loopt als een man en van wie men ook dacht dat het een man was, maar nu dus niet meer. 

Verder stond er Nederlandse Vreugde, helemaal goed geschreven. De column van de dag in The Citizen was gericht aan ene Pitso, de nieuwe nationale coach van de Bafana Bafana. Je kan bezwaarlijk stellen dat de World Cup nog steeds het dagelijks leven in Zuid-Afrika beheerst. Dat zou de waarheid geweld aandoen. Een vroege uitschakeling van het gastland is toch nefast voor de feestvreugde.

Hoeveel steun heeft Nederland in Zuid-Afrika? Die vraag houdt mij sinds gisteren bezig. Ik heb mij suf gezocht naar artikels over de finaleplaats voor de Nederlanders en wat dat succes met het verdeelde Zuid-Afrika doet. Welnu, de conclusie is pijnlijk: het succes van Oranje rijt de oude wonden weer open en legt de oude scheidslijnen bloot.

Afgezien van de horden Nederlanders – hoewel die nog nooit zo weinig talrijk waren sinds Argentinië 1978 – wordt Oranje nu ook gesteund door een deel van de Zuid-Afrikaanse bevolking, wat goed zichtbaar is aan de auto's die met Oranje vlaggen door de straat rijden.

De kleur oranje is in Zuid-Afrika voor immer synoniem met Oranje Vrijstaat, het epicentrum van de Nederlandse kolonisten, de Boeren, die zich superieur achtten (en nog steeds) aan de originele zwarte bevolking en die later ook nog eens oorlog zouden voeren met de Engelsen.

De zwarte Zuid-Afrikaanse voetbalfan kent het Nederlands voetbal maar al te goed: onder meer van Ruud Gullit en diens bewondering voor Nelson Mandela, van Frank Rijkaard als eerste zwarte bondscoach van een Europees land, en van Ajax Cape Town, het exportfiliaal voor lokaal voetbal talent van het grote Ajax Amsterdam. 

Maar nu Oranje is geadopteerd door de Afrikaner, die Nederlandse voorouders heeft, die Afrikaans spreekt en die vaak de zwarte nog steeds als vuil behandelt, hebben de zwarten zich massaal afgekeerd van Nederland.

Her en der gaan nu stemmen in Zuid-Afrika op om Nederland niet te verwarren met de verstarde Afrikaner. Sowieso dragen heel wat van die Afrikaner-racisten Franse namen en dan zijn dan weer afstammelingen van de Franse Hugenoten die na het Verdrag van Nantes (1598) Frankrijk verlieten.

The Christian Science Monitor ging voor de halve finale op zoek naar Holland-haters en kwam uit bij ene Thokozani Khumalo, van de Tembisa township nabij Pretoria. Zij was op zoek naar juju die er voor zou zorgen dat de Nederlandse aanvallers op dit toernooi geen goal zouden maken. Ofwel heeft ze geen juju gevonden, ofwel werkt de zwarte magie niet.

Walter Wauters

Wedstrijd om nooit te vergeten

Walter Wauters | 23 januari 2010 om 09:53
Kim Clijsters speelt sinds 1997 op de professionele tour. In die meer dan tien jaar moest ze nooit zo'n zware nederlaag slikken in een officiële match. Een keer verloor ze met 6-0, 6-2. In 2001 in Miami van Serena Williams. Maar nog nooit kon ze slechts één spel winnen. Clijsters zegt dat ze de wedstrijd zo snel mogelijk van haar harde schijf wil wissen en verder gaan met haar tenniscarrière.

Wij zouden net het tegengestelde zeggen: dit is een wedstrijd om nooit te vergeten. Een wedstrijd om tot in zijn kleinste vezel te analyseren. Voorbereiding, mentaal en fysiek, opwarming, voeding, routine, slaapritme, bioritme, bloed, hartslag, racket, schoenen, alles. Om de vinger te leggen op misschien dat ene detail dat een verklaring kan vormen. En te voorkomen dat die situatie zich nog herhaalt.

Want zo'n bolwassing krijgen en er geen oorzaak kunnen op plakken, tenzij een offday, dat lijkt ons niet echt een gezonde basis om op verder te bouwen. Want als het zich één keer voordoet, compleet onaangekondigd, is er geen reden waarom het zich niet nog eens zou kunnen voordoen, even onvoorzien.
Hans Vandeweghe

Vrouwentennis deugt niet

Hans Vandeweghe | 10 september 2009 om 13:43

De hoerastemming rond de Belgische tennis speelsters is terecht - zeker met de herfst op komst - maar het was al langer vrij duidelijk dat:

1. Een gezonde en fitte Clijsters in het anemische vrouwentennis meteen een rol van betekenis zou kunnen spelen.

2. Voorgaande niet zo'n kunst was omdat ze in haar eerste deel van haar carrière een underachiever was.

Dat laatste moeten we even verklaren. Clijsters I heeft twaalf keer de laatste vier bereikt van een grand slam en daaruit puurde ze maar één overwinning. Henin won zeven titels op zestien verschijningen bij de laatste vier. Ook niet super, maar toch beter.

Clijsters liet het vaak op de beslissende momenten afweten. Daar was één goede reden voor (blessurelast), maar meer slechte: niet genoeg getraind, vandaar ook de blessures, en vooral niet genoeg gemotiveerd om de beste te zijn. In het kleine sportlandje België belette dat haar niet om vijf keer Sportvrouw van het Jaar te worden, de eerste keer zelfs nadat ze ergens in Luxemburg een toernooi van niks had gewonnen. Justine Henin won die trofee maar vier keer en die aberratie is volledig op het conto van de sportpers te schrijven.

Maar goed, Mum Clijsters is back en dat zullen we geweten hebben. Dat ze in de VS wild worden van een moeder die topprestaties levert, tot daar aan toe, maar het ene heeft met het andere niks te maken. Meer zelfs, het moederschap is in deze wellicht een voordeel geweest. Kim Clijsters heeft met dank aan Jada Elly haar uitgewoonde lijf een hormonale boost gegeven en is daarna rustig begonnen aan een fysieke opbouw die ze nog nooit had gehad.

Wie Clijsters I ooit zag tennissen, raakte onmiddellijk onder de indruk van haar ongelooflijk atletisch potentieel. Er was altijd dat maatje of twee te veel, maar zelfs onder de speklaag zag je de enorme spieren werken. Het was destijds een conclusie die stond als een huis: als Clijsters haar huiswerk had gemaakt, had er op haar tennis geen maat gestaan.

Vreemd genoeg maakte zij nooit haar huiswerk, maar wel Henin. Dat een ukje als Henin ooit de onbetwiste nummer één van circuit kon worden, moesten de C- en de D-cups en vooral die ene E-cup van het vrouwentennis zich aanrekenen. Er was geen enkele objectieve reden waarom een te klein en te frêle meisje als Henin het tenniscircuit kon overheersen. Behalve dan het zichtbare gebrek aan ijver van de vaak al te ruim in het vet zittende tegenstandsters.

Clijsters was ook nog eens voorbestemd om geblesseerd te raken. Dat was de prognose na een videoanalyse door de Vlaamse Tennisvereniging tijdens een toernooi in Moskou. Schouder, polsen rug zouden zwaar te lijden krijgen als ze haar techniek niet zou veranderen, luidde de conclusie. Vader - zaliger - Lei Clijsters vond het allemaal maar onzin en Kim Clijsters hakte verder. Ze raakte vervolgens ook geblesseerd, geopereerd en uiteindelijk gedegouteerd.

Nu is ze terug. Er zijn weinig sporten met als voornaamste fysieke componenten kracht en uithouding waarin iemand na een jarenlange afwezigheid zomaar ineens weer de wereldtop bestormt en die zonder slag of stoot ook inneemt. Vrouwentennis lijdt dan ook onder een nooit geziene bloedarmoede. Wat aan de top staat van het vrouwentennis, loopt daar al een tijd rond en heeft het wel gezien of is ziek, zwak en misselijk.

Vrouwentennis heeft een gigantisch probleem maar daar moet je in ons arm sportlandje niet mee aankomen. Het zou goed zijn er de commentaren van de tennisspecialisten van een jaar geleden op na te lezen. Toen - zonder Belgen - deugde niks aan het vrouwentennis, maar vandaag hoor je ze niet meer. Welnu, vandaag deugt nog steeds niks aan het vrouwentennis maar dat is niet de enige reden waarom Kim Clijsters straks weer een grand slam wint (als ze niet blokkeert).

De belangrijkste reden is dat Clijsters II eindelijk haar huiswerk heeft gemaakt. Zeven maanden lang heeft ze zich onder deskundige begeleiding fysiek voorbereid. Dat is van goudwaarde gebleken. Clijsters II is nu al beter (fysiek) dan Clijsters I. Nu nog mentaal. En vervolgens gezond blijven.

Het zou heel slim zijn als ze nu weer een hele lange pauze zou inlassen en opnieuw naar de fysieke basis terugkeren. Er is dan geen enkele reden om volgend jaar niet in elke grand slam voor de eindoverwinning te gaan. Op basis van haar intrinsieke talent verdient Kim Clijsters een beter palmares dan ze nu heeft.

Walter Wauters

Serena weent

Walter Wauters | 14 augustus 2009 om 19:57

 Ze wou meteen na haar match de pers doen. Wat zeer ongebruikelijk is op tennistornooien. Maar Serena Williams wou dit vermaledijde oord zo snel mogelijk ontvluchten na de ontnuchterende nederlaag tegen Sybille Bammer, nummer 29 van de wereld godbetert. Serena droop nog van het zweet toen ze op de stoel plaatsnam, ze had maar net de tijd gehad om een Nike-petje bovenop haar bandana te zetten. Eerste vraag: of ze zich misschien ziek voelde? Dat had ze in het begin van de week namelijk getwitterd. 'Ik was duidelijk niet zo fit als anders. Ik heb nooit in mijn leven een slechtere match gespeeld. Ik moet zowat 50 directe fouten hebben gemaakt. Any other questions?' Ze probeerde in een lach te schieten, maar haar gemoed schoot vol. En haar ogen liepen over. 'Ik heb zo hard getraind', snikte ze, meer dan ze sprak, 'dit is zo ontgoochelend.' Waarvan akte.

Maandag om 8 uur 's ochtends stonden ze op de baan, de Williams-familie, inclusief de honden. Het kwik klom toen al boven de  25 graden, de vochtigend was versmorend. En Serena was ziek. Na elke bal plooide ze dubbel, moest ze steun zoeken op haar racket. Bij elke pauze kroop ze naar een stoeltje in de schaduw en snoot een hele badhanddoek vol. Maar ze bleef wel twee uur lang dat massieve lijf afpeigeren. En de dag erop opnieuw. 

Toen we na de persconferentie het zaaltje uitliepen, zagen we Serena bij de WTA-gezante staan. De dame troostte haar, want Serena was aan het wenen. De Williams' zijn niet geliefd op de tour. Ze heten arrogant, hautain, egoïstisch, en wellicht zijn ze dat ook. Maar daar in de afgebladderde catacomben van centre court, waar het water langs de muren lekte, had ik heel even heel erg medelijden met Serena.

Bart Lagae

De beste nummer twee uit de geschiedenis

Bart Lagae | 09 juni 2009 om 10:09
Sportjournalisten zijn hypocrieten. In ons commentaarstuk in Het Nieuwsblad op Zondag legden we met staalharde argumenten uit waarom er op zijn minst enkele kanttekeningen mogen worden gemaakt bij de ‘historische’ triomf van Roger Federer in Roland Garros.
 
Ten eerste was Rafael Nadal al uit het tornooi verdwenen. Ten tweede is Federer aan zijn slechtste seizoen in jaren bezig. Ten derde is Nadal ook na Roland Garros nog altijd de nummer één van de wereld. Als Federer de beste is dan is hij toch de beste nummer twee uit de geschiedenis.
 
In de maandageditie van Het Nieuwsblad leggen we op dezelfde plaats in de krant uit waarom die kanttekeningen dikke onzin zijn. Roger Federer is de grootste precies omdát hij zijn ultieme levensdoel realiseert op een moment en een plaats dat niemand het had verwacht. Zo zie je maar dat journalisten voor alles altijd een uitleg hebben.

Wandelend langs de verlaten (en flink doorregende) banen van Roland Garros denken we aan Rafael Nadal en hoe hij zich moet voelen in Mallorca. Het is vijf jaar geleden dat hij de finale op tv had gevolgd. De man die hij vorig jaar op het Court Philippe Chatrier vernederd had met 6-1, 6-3, 6-0 werd nu op dezelfde plaats gevierd als de beste tennisser ooit. Moet op zijn minst toch een heel klein beetje veel pijn hebben gedaan.

De waarheid is natuurlijk dat Rafael Nadal nog even de koning van het gravel zal blijven. Maar ook dat wel iedereen zal toegeven dat Federer de op één na beste speler op gravel is en de beste op alle andere ondergronden. Waarmee we dan toch tot het vreedzame besluit kunnen komen dat Roger Federer de allerbeste tennisser ooit is.

Wandelend langs de verlaten (en flink doorregende) banen van Roland Garros denken we aan Federer en hoe hij zich zal voelen als hij morgen in Zwitserland landt (en waarschijnlijk opnieuw een koe ontvangt). Welk doel kan hij nog nastreven in zijn carrière? Nog eens een keertje Wimbledon winnen (en de nummer-één-plaats van de geblesseerde Rafael Nadal overnemen?). Oké, en wat daarna? Vader worden natuurlijk. Oké, en wat daarna? Stoppen? Of doorgaan?

Federer wilde zich daarnet op zijn persconferentie niet uitspreken over zijn toekomst. Maar het is een publiek geheim dat hij wil doorgaan tot de Olympische Spelen van 2012 in Londen.
Tennis hoort pas sinds 1988 opnieuw tot het olympische programma, maar steeds meer proftennissers maken er een erezaak van om op de Spelen te schitteren. Jacques Rogge zal het graag horen. Justine Henin is niet de enige die droomt van olympisch goud.

Grosso modo ziet de carrière van Federer er de volgende drie jaar als volgt uit: opladen voor de grandslamtornooien in een poging het record van Sampras nog wat scherper te stellen. En voor de rest: bezigheidstherapie tot de zomer van 2012. In Londen afscheid nemen na een nog emotionelere en nog grootsere en nog specialere ceremonie dan vandaag in Parijs. Beter wensen zou niet mogelijk zijn.
En, o ja, u weet toch wie de olympische titelverdediger is?

 

Bart Lagae

Normania

Bart Lagae | 05 juni 2009 om 14:37

Als koningin Fabiola nog eens een plaat wil opnemen met Belgische sprookjes, waar moet ze dan haar inspiratie halen? We zouden haar aanraden de Thalys naar Parijs te nemen en zich te laten accrediteren als tennisjournaliste.

Op de heilige gronden van Roland Garros blijven haar onderdanen het onmogelijke waar maken. Zes jaar geleden gaf haar schoonbroer Albert een beker en een schaal aan Justine Henin en Kim Clijsters. Morgen kan Dick Norman een nieuwe Belgische tennisfabel schrijven.

Een Engelse versie van het sprookje staat sinds vandaag on-line. Onze New Yorkse collega Peter Bodo – monument in de Amerikaanse tenniswereld auteur van de meest invloedrijke tennisblog ter wereld – schreef een bijdrage onder de titel ‘Norman Conquest’. Met zijn titel zette hij heel wat van zijn lezers op het verkeerde been. Iedereen dacht dat hij verwees naar de Viking-strooptocht van (de Zweed) Robin Söderling en diens coach Magnus Norman. Maar niet dus.

Voor Bodo mag Norman (Dick dan) best zijn voet naast Norman (Magnus) plaatsen. Het verhaal van de Belg is minstens even leuk – misschien zelfs leuker – als die van de Zweedse kwelgeest van Rafael Nadal. En dat vinden vele andere buitenlandse tennisfans. Onvoorstelbaar hoe snel het verhaal van Dick Norman de ronde doet. Het lijkt wel dat iedereen zich plots weer... 38 voelt.

Als Dick Normans verhaal een sprookje is. Hoe zou het dan eindigen? We laten koningin Fabiola fantaseren. Maar hier zijn alvast de ingrediënten.

1. Een 38-jarige reus met rode haren.
2. Zijn 1,5 jaar oud meisje, zijn dochter, die tot inspiratie dient.
3. Zijn zwangere vriendin, zijn grote motivator vanuit de tribune.
4. Een Zuid-Afrikaanse vriend, die hem uitnodigde op het bal van Roland Garros
5. Een pijnlijke rechterknie, die met pillen wordt kalm gehouden maar op elk moment weer lastig kan doen
6. Een Tsjechische en een Indiase slechterik, die vast besloten zijn het verhaaltje slecht te doen aflopen.
7. Een Belgisch-Frans publiek in een stadion van 15.000 man, dat na een saaie vrouwenfinale geniet van de meest beklijvende dubbelfinale in jaren.
8. Een onmogelijke ommekeer zoals alleen Norman en Moodie kunnen afdwingen.

Dick Norman gidste zijn fans al door alle emoties waar we mogelijk aan zouden kunnen denken. En toch vermoeden we dat hij er zaterdag nog een laatste in petto heeft...

Normankindje

Bart Lagae

Geachte heer Nadal,

Bart Lagae | 03 juni 2009 om 14:12
Beste ‘Rafa’
 
Met diepe gevoelens van spijt en schuld sturen we je dit schrijven. Het schaamt ons dat we het niet eerder hebben gedaan. Maar gelukkig is het nooit te laat om sorry te zeggen. En daarom vragen we vandaag - op je 23ste verjaardag – perdón, perdón, perdón. lo sentimos mucho.

We hadden zondag na je nederlaag tegen Robin Söderling niet mogen meehuilen met de wolven in het bos. Of in dit geval: met de Franse imbecielen op de tribunes van het Court Philippe Chatrier. Jóuw Court Philippe Chatrier. De tempel waar je de voorbije vier jaar geschiedenis schreef.

Het boegeroep waarmee je Parijs verliet was een schande voor de sport. De aanmoedigingen voor Söderling zijn op zijn minst surreëel. Daarvoor volstaat het terug te denken aan jullie wedstrijd op het graveltornooi in Rome, toen Söderling je het gemeenste oor wilde aannaaien in de geschiedenis van het mannentennis.
 

In tegenstelling tot Söderling toonde jij dat een tennisser niet alleen groot mag zijn in de zege, maar ook in het verlies. Want groot was je in het verlies. Dat getuigen steeds meer mensen die het met hun eigen ogen hebben gezien.

Dick Norman vertelde hoe je – gehaast als je was om terug te keren naar Mallorca – alsnog de moeite nam om alle medewerkers in de player’s lounge persoonlijk te bedanken. Een attentie die ze van Robin Söderling niet hoeven te verwachten. De portiers van Roland Garros weten goed genoeg dat jij elke dag bij het binnenkomen iedereen begroet, terwijl Robin Söderling zelfs nog nooit geknikt heeft naar iemand.
 
Wij moeten huiveren als we Robin Söderling afgeschilderd zien worden als een toffe knul met een engelengezicht. Toen we hem kruisten in het hotel waar we samen verblijven – hij verliet de lift, wij namen hem net – moesten we kokhalzen in een wolk van solfer en pek. Het is nodig dat het eens duidelijk wordt gezegd: in het tenniswereldje worden de duivels opgevoerd als heiligen en de braafste zielen als zondaars.
 
Tegenover de ‘sympathieke Federer’ ben jij altijd afgeschilderd geweest als de ongelikte beer. De bruut die alleen maar bezig was met zijn eigen spel en nooit tijd maakte voor de anderen.
Weten de tennisfans wel hoe anders de realiteit is achter de schermen? Dat je na een trainingsessie altijd klaar staat om handtekeningen uit te delen, terwijl Roger Federer dat al jaren niet meer doet? Dat je veel meer voor je sport leeft dan je eeuwige rivaal? Dat je echt wel met reden op het nummer één van de wereldrangschikking staat?
 
Uit goede bron vernamen we dat je in de taxirit van je hotel naar de luchthaven onophoudelijk hebt gehuild. Het bewijst alleen maar hoe hard de uitschakeling en het gedrag van het publiek je zondag heeft geraakt. En het bewijst ook hoe moedig je je gedragen hebt in de eerste uren na je nederlaag.
Roger Federer huilt ook, maar alleen als er camera’s in de buurt staan.
 
Voor dat, en nog zoveel meer, níet te hebben geschreven, en meegehuild te hebben met de wolven in het bos, vraag ik perdón, perdón, perdón. Misschien gaan er sommige tennisfans wel anders over je denken. Quizás, quizás, quizás.
 
Met de meest nederige groeten,
 
Bart Lagae
Parijs, het donkerste keldertje onder het Court Philippe Chatrier, 3 juni 2009.

Bart Lagae

Het fenomeen Rochus

Bart Lagae | 30 mei 2009 om 21:22

In de sport zijn er helden. En ook anti-helden. En dan is er nog Christophe Rochus.
Het ‘boegbeeld’ van het Belgische tennis – want ja, dat is hij als hoogst gerangschikte landgenoot willens nillens – vertegenwoordigt zowat alles wat een sportman eigenlijk niet kan of mag zijn. Met zijn houding op en naast de baan stelt hij zoveel mensen teleur dat hij eigenlijk weer interessant wordt. Als studieobject dan.

Wat 15.000 tennisfans zaterdagnamiddag gezien hebben in het Court Philippe Chatrier van Parijs was ontluisterend. Akkoord, er stond veel wind en de omstandigheden waren in het nadeel van de Belg. Ondanks zijn dertig jaar heeft Rochus minder ervaring met wedstrijden op een groot terrein dan de zes jaar jongere Jo-Wilfried Tsonga (ex-finalist in de Australian Open). Maar toch hadden de Belgen die op de zwarte markt tot 200 euro hadden betaald voor een kaartje beter verdiend.

Als hij denkt niet meer bij een bal te kunnen, gaat Rochus er niet meer achteraan. Dat zou in het begin van de wedstrijd nog slim kunnen zijn. Waarom energie verslinden als je die mogelijk later in de wedstrijd ook nog nodig hebt? Maar ook in de derde set bleef de motor van Rochus op reserve staan. De waarheid is dat hij nooit in de overwinning heeft geloofd, en er daarom niet is voor gegaan.

Nu had Rochus door wat levendiger te spelen allicht ook verloren. Niet met 6-2, 6-2, 6-2 maar met 6-4, 6-1, 7-5. Maar dat is niet het punt. Het punt is dat Rochus met zijn passieve je m’en foutisme het wezen van de sport ontkent. In het geval van tennis: twee gladiatoren gaan elk met hun eigen middelen tot het uiterste om elkaar te verslaan.

Voor zijn eersterondewedstrijd in de Australian Open had Christophe Rochus ook al gezegd dat hij nul komma nul procent kans had om Rafael Nadal te verslaan. Toen de Spaanse nummer één met die woorden geconfronteerd werd, kon hij zijn oren niet geloven. In de wereld van Nadal is de logica van Rochus even steekhoudend als het verplicht maken van winterbanden op het eiland Mallorca.
Na zijn nederlaag tegen Tsonga had Rochus nog een boeiende uitsmijter in petto. Hij verontschuldigde zich tegenover de mensen die hij had uitgemaakt voor een woord dat rijmt op broodzakken. Niet dat hij vond die mensen dat woord niet zijn. ‘Maar ik krijg misschien een boete. Daarom zou ik iedereen willen vragen mijn rechtzetting te publiceren.’

Alweer: een ontluisterend einde. Rochus liet niet alleen de kans liggen om een held te zijn, hij liet ook na een anti-held te zijn. Een echte anti-held zou zijn woorden niet ingetrokken hebben. En met de schouders recht en de kin omhoog zijn boete hebben betaald.
Hij mag het hebben, de 39.400 euro die een tennisser krijgt voor het bereiken van de derde ronde in Parijs. Christophe Rochus maakt er geen geheim van dat hij een broodtennisser is. Maar waarom dan spuwen in de hand die je te even geeft? Het is voor iedereen leuker als hij toch geprobeerd had er tegen Tsonga iets meer van te maken. Niet in de laatste plaats voor hemzelf.

Bart Lagae

Serena Forever

Bart Lagae | 26 mei 2009 om 16:10

Als elk interview met een tennis-Belg over de testwedstrijden tussen Anderlecht en Standard gaat, dan weet je het wel. Tennis zal wel altijd in de schaduw van het voetbal blijven staan. Of kunt u het zich voorstellen dat Steven Defour of Olivier Deschacht aan de vooravond van de laatste testmatch moeten zeggen voor wie ze supporteren op Roland Garros?

Voor Olivier Deschacht zou die vraag nog niet zo vreemd geweest zijn. Hij dook ooit op in Wimbledon om zijn vriend Xavier Malisse aan het werk te zien. Maar de ‘X-Man’ is er dit jaar niet bij in Parijs. En Kim Clijsters en Justine Henin evenmin. Of, toch wel. Justine Henin arriveert donderdag in Parijs om de ‘Allée Justine Henin’ te openen.

Die Allee is geen nieuwe boulevard in een uitbreidingswijk van Parijs. Wel een soort wandelpad dat het sponsordorp van Roland Garros doorkruist en elk jaar van naam verandert. De acte de présence van Henin bewijst nog maar eens het hiaat dat Ju-ju in Parijs heeft nagelaten. Zowel in het Belgische tennis als in het vrouwentennis.

De kans is reëel dat als Henin donderdag haar lintje toeknipt, de deelnemende Belgen al vertrokken zijn. Kristof Vliegen en Steve Darcis verdwenen al maandag uit het tornooi. Yanina Wickmayer en Christophe Rochus zullen deze namiddag moeten knokken.

Wat houdt Henin eigenlijk tegen om een comeback te maken? Het niveau in het vrouwentennis is er sinds haar vertrek niet vooruit maar achteruit op gegaan. De grote favoriete voor Roland Garros is Dinara Safina, maar die heeft nog nooit een grand slam gewonnen. De winnares van vorig jaar, Ana Ivanovic, is dan wel bijna twintig centimeter groter dan Henin, qua tennis en resultaten reikt ze niet tot haar enkels. Het is symptomatisch voor de staat van het vrouwentennis dat achter Safina nog steeds de zussen Williams de plak zwaaien in tennisland.

Toen wij noch Serena noch Venus een plaats hadden gegeven bij onze favorieten voor Roland Garros, keek de eindredacteur vreemd op. Doen ze misschien niet mee? Uiteindelijk hebben we beiden toch één symbolische ‘ster’ gegeven. En achteraf bekeken maar goed ook.

Het is zeven jaar geleden dat een van hen doordrong tot de halve finale (toen speelden beiden de finale en won Serena), maar dit jaar kan het mogelijk opnieuw raak zijn. Hoewel ze al veel langer meedraaien aan de top dan Clijsters en Henin, lijken de zussen het tennis nog niet moe. Serena kocht zelfs een appartement in Parijs en slaagt er wonderwel in haar leven naast de baan met prestaties op de baan te combineren. Dus toch maar respect voor de zusjes. Vooral Serena Williams blijft verbazen. Ze schreef zich in op een datingsite voor joodse mannen en werd in Parijs al gespot op de fiets – een van de grijze stadsmodellen waarmee ook wij door de lichtstad razen. Wat vraag ik haar als ik haar voor een verkeerslicht tegenkom? Of ze voor Standard of Anderlecht supportert?

Walter Wauters

Gezocht: tenniscoach (vr)

Walter Wauters | 22 april 2009 om 16:45

Wat moet zo'n Yanina Wickmayer nu doen? Haar dramatische jeugd smeedde een onlosmakelijke band met haar vader. Anderzijds, om nog tennistieke progressie te boeken moet ze toelaten dat een coach tussen haar en haar vader komt. Wickmayer hangt rond de 80ste plaats op de wereldranking. Vorig jaar stond ze 62ste. De logische volgende stap was top-50. Maar dat lukt maar niet.

Nochtans, Wickmayer werkt als geen ander. En haar omkadering is hyperprofessioneel. Op technisch vlak is er misschien nog wel winst te boeken, maar de coaches die dat probeerden werden afgeserveerd. De pathologie was telkens dezelfde: de technische ingrepen brachten Yanina aan het twijfelen, de resultaten kwakkelden en prompt snelde vader ter hulp. Absoluut begrijpelijk, ontroerend zelfs, maar Yanina schiet er geen meter mee op.

Want pa herstelt weliswaar het cocon waarin Yanina gedijt, maar technisch is het terug naar af. Wat moet zo'n Yanina dan? We vallen in herhaling. Wel, Yanina is benadeeld door haar timing. Ze komt net na Kim Clijsters en Justine Henin. Met als onvermijdelijk gevolg dat het grote publiek haar prestaties tegen die van Kim en Justine afweegt. Een absoluut oneerlijke vergelijking, want Kim en Justine waren uitzonderlijke talenten, maar des mensen. En nefast voor het vertrouwen van Yanina.

Maar, er is hoop. Kim Clijsters maakt haar comeback. Alle schijnwerpers draaien richting Kim. Een unieke opportuniteit voor Yanina om in de schaduw te kruipen en in relatieve anonimiteit het rijpingsproces dat werd afgebroken door het vroegtijdige pensioen van Kim en Justine, alsnog uit te zitten. Vandaar: gezocht, per hoogdringendheid, een coach voor Yanina Wickmayer. Meereizen is een vereiste en vrouwelijkheid strekt tot aanbeveling.